WJB lid LT ‘Bram’ over militair leiderschap

By 17 september 2026Nieuws

Eén van onze leden, actiefdienend LT Bram*, deelde met ons zijn visie over militair leiderschap. “Een visie over het begrijpen van je mensen, de trots om samen iets neer te zetten en het vermogen om je aan te passen”, aldus Bram waarin hij terug kijkt op de POTOM en zijn periode als Troop Commander én vooruit kijkt.

POTOM: startschot voor mijn leiderschapsvisie
Het is donker, je bent moe en hebt al bijna twee weken niet goed gegeten. Je hebt hier vrijwillig voor gekozen, maar of dit daadwerkelijk het moment is waarop je wilt zijn, weet je zeker: nee. Het is niet comfortabel, niet iets waar je veel plezier aan beleeft en ook niet zoals je het van tevoren had voorgesteld. Toch ben je hier nu en accepteer je de omstandigheden, net zoals iedereen om je heen dat doet. Je loopt door het donkere bos en je gedachten kunnen niet te veel afdwalen, want je wilt de taak die je hebt gekregen goed uitvoeren. Zeker wanneer je de TC, Troop Commander, bent, weet je dat de geplande actie om aansturing van jou gaat vragen.

Onvergetelijk, begin van je carrière
Je ervaart veel van dit soort nachten en dagen. Wanneer ik eraan terugdenk, voelt het soms als een lange aaneenschakeling van gevoelens en ervaringen. Sommige momenten kan ik me nog goed herinneren, maar soms kan ik bijna niet geloven dat ik er daadwerkelijk bij ben geweest. Het is onvergetelijk, tekenend en tegelijkertijd typerend voor iedereen die de POTOM heeft gedaan. Het mooie vind ik dat dit tegelijkertijd nog maar het begin is van je carrière. De POTOM (Praktische Opleiding Tot Officier der Mariniers) is voor mij dan ook niet alleen een opleiding geweest, maar een (lang) startschot voor de ontwikkeling van mijn visie op leiderschap.

Betekenis om leiding te geven
Ik wil daarom niet alleen terugkijken op wat ik heb geleerd tijdens de POTOM, maar vooral op de visie die daaruit voor mij is ontstaan. De opleiding heeft mij een basis gegeven, maar door deze kennis en vaardigheden daarna in de praktijk toe te passen, ben ik steeds beter gaan begrijpen wat het daadwerkelijk betekent om leiding te geven. De periode waarin ik als TC binnen een infanterie-eenheid heb gewerkt, heeft daarin een belangrijke rol gespeeld. Juist daar merkte ik welke lessen uit de opleiding standhouden in de praktijk, maar ook welke uitdagingen je pas tegenkomt wanneer je verantwoordelijk bent voor een groep.

De praktijk is anders
De opleiding tot TC en de periode daarna als TC zie ik daarom als een mooie periode om op terug te kijken. Het laat voor mij zien dat de opleiding werkt, maar ook dat geen enkele opleiding je volledig kan voorbereiden op het leidinggeven. De praktijk is weerbarstiger, mensen zijn verschillend en situaties laten zich niet altijd voorspellen. Juist in die ruimte tussen wat je tijdens de opleiding leert en wat je daarna in de praktijk tegenkomt, is mijn eigen visie op leiderschap verder gevormd.

In de kern gaat die visie voor mij over drie dingen: het begrijpen van je mensen, de trots om samen iets neer te zetten en het vermogen om je aan te passen. 

 [tekst gaat onder foto verder]


De hoogste vorm van kennis: empathie
Mariniers willen niets liever dan diep en ver gaan. De Troop kan namelijk, indien nodig, optreden als de beste vechtmachine ter wereld. Echter is de kans groot — en laten we dat hopen — dat we nooit op die manier hoeven op te treden. Ik vind het veel aannemelijker dat je zowel persoonlijk als met je Troop voor uitdagingen komt te staan op sociaal vlak. Niet alleen binnen je eigen groep, maar ook in de omgeving waarin je opereert. Als leider word je daarin zelf uitgedaagd, maar moet je ook je mensen daarin kunnen meenemen en aansturen. Empathie is hierbij onmisbaar. Het vermogen om anderen te begrijpen stelt je in staat om situaties beter te doorgronden en er passend op te reageren. Ik vond het daarom enorm belangrijk om dit aan alle mariniers binnen de Troop mee te geven, omdat ik ervan overtuigd ben dat het begrijpen van andere mensen enorm belangrijk is. Dat heeft zich ook vertaald naar het werk dat we samen hebben gedaan.
Ik vind het mooi dat dit misschien wel het tegenovergestelde is van wat mensen denken dat marinier zijn inhoudt: gevoelens uitschakelen. Terwijl juist daar een valkuil in zit. Gevoelens uitschakelen is makkelijk. Je kunt je terugtrekken in je eigen bubbel en je afsluiten van wat er om je heen gebeurt. Dat doe je soms, zeker tijdens de POTOM, maar ook dan is het de kunst om daar weer uit te komen. Een leider kan zich niet verstoppen.

Voorwaarde om leiding te kunnen geven
Als TC heb je die ruimte zeker niet. Je moet juist je voelsprieten door de hele groep laten lopen. Je moet niet alleen weten wat er op papier of in je planning staat, maar ook aanvoelen wat er binnen je groep gebeurt. Wie zit er goed in zijn vel? Wie loopt ergens tegenaan? Waar ontstaat wrijving en wanneer moet je juist even ingrijpen? Na je studie en de POTOM ben je als jonge luitenant relatief vroeg verantwoordelijk voor mensen die soms ouder zijn en meer ervaring hebben dan jij. Toch moet je hen soms vertellen dat het anders moet. Andersom moet je ook goed begrijpen wat er speelt bij jonge mariniers die soms al vanaf hun achttiende in het Korps zitten. Juist in die omgeving heb ik geleerd hoe belangrijk empathie is. Voor mij is empathie daarom geen zachte aanvulling op leiderschap, maar een voorwaarde om goed leiding te kunnen geven. Je kunt pas richting geven aan een groep wanneer je begrijpt wie er in die groep zitten.

Trots op wat je doet, kritisch op hoe je het doet
Wij, als Korps Mariniers, zijn trotse krijgers. Ik heb eens een marinier horen zeggen dat elke ‘Marinier 1’ zich trotser voelt dan iedere Landmachtgeneraal. Zonder af te doen aan de trots van anderen, denk ik wel dat we kunnen vaststellen dat mariniers trotse mensen zijn. Trots vind ik een belangrijk gevoel binnen dit werk. Niet omdat alles altijd goed gaat of omdat we kritiekloos moeten zijn, maar omdat trots je verantwoordelijk maakt voor het product dat je wilt zijn en de groep die je wilt bouwen. Juist daarom mogen we trots zijn op onszelf, maar moeten we ook kritisch blijven Trots zorgt er ook voor dat je jezelf wilt blijven uitdagen en verbeteren. Tijdens de POTOM doe je genoeg dingen die op het moment zelf nutteloos lijken: eindeloos poetsen, fysiek afgemat worden en steeds opnieuw hetzelfde doen. Wat leer je daar nou van? Misschien wel trots zijn. Als TC kun je daar ook tegenaan lopen. Sommige oefeningen of events voelen als een herhaling. Dat is juist het moment om kritisch te worden en te kijken hoe het beter kan, zodat het wel een succes wordt. Voor mij komen trots en kritisch vermogen daarom samen. Trots op wat je doet, kritisch op hoe je het doet. Juist door trots te combineren met de bereidheid om kritisch te blijven, blijf je bouwen aan een groep die beter wordt.

Wees flexibel, zodat je kunt veranderen met verandering
Het vermogen om flexibel te zijn, is onmisbaar in ons werk. Ik heb gemerkt dat zowel een grote organisatie als een individuele marinier in staat moet zijn om mee te veranderen met de tijd en de omstandigheden. Wat vandaag werkt, hoeft morgen niet meer de beste oplossing te zijn. Juist daarom vind ik het belangrijk om ruimdenkend te blijven, zowel tegenover collega’s als tegenover de verschillende mensen die we in ons werkgebied kunnen tegenkomen. Ik ben er steeds meer van overtuigd geraakt dat intelligentie niet alleen gaat over hoeveel je weet, maar ook over het vermogen om je aan te passen wanneer de omstandigheden daarom vragen. Je moet bereid zijn om je eigen beeld of aanpak bij te stellen. Dat vraagt om openheid, maar ook om het lef om toe te geven dat je het misschien anders moet aanpakken. Als TC wilde ik dit ook meegeven aan mijn Troop. Ik wil dat we niet alleen goed zijn in wat we al kunnen, maar vooral dat we blijven leren en ons blijven aanpassen. Flexibiliteit zorgt er voor mij ook voor dat je kritisch wordt. Je stelt de vragen die niet altijd makkelijk zijn, juist omdat je kritisch durft te zijn op je eigen manier van doen. Tijdens de POTOM vul je je toolset met gereedschap en heb je je handen vol aan het leren gebruiken daarvan. Je kunt creatief zijn, maar de vrijheid in hoe je het toepast is beperkt. Dat verandert wanneer je begint als TC. Met de intentie van je Squadron Commander in je achterhoofd, bedenk je samen met de rest van het team hoe je wilt trainen. Dan gaat het niet meer alleen om het uitvoeren van wat je hebt geleerd, maar om de vraag waarom je iets doet en of het op dat moment de beste manier is. Voor mij is dat een belangrijk onderdeel van leiderschap: niet alleen beschikken over een goed gevulde gereedschapskist, maar ook durven bepalen welk gereedschap je wanneer gebruikt.

Mijn visie
Als ik terugkijk op de POTOM en mijn periode als TC, zie ik vooral hoe mijn visie op leiderschap zich heeft ontwikkeld. De POTOM gaf mij de basis en de praktijk heeft mij geleerd wat ik daar daadwerkelijk mee wil doen.

‘Voor mij gaat leiderschap uiteindelijk over het bouwen van een groep die elkaar begrijpt, trots is op wat zij doet en bereid is om zichzelf steeds te verbeteren. Een groep die niet alleen kan uitvoeren, maar ook kan nadenken, aanpassen en verantwoordelijkheid nemen’.

Deze drie elementen versterken elkaar. Empathie zorgt ervoor dat je mensen begrijpt. Trots zorgt ervoor dat je samen iets wilt opbouwen. Flexibiliteit zorgt ervoor dat je bereid bent om te blijven veranderen en verbeteren. Het is geweldig dat je op jonge leeftijd de mogelijkheid krijgt om jezelf hierin te ontwikkelen. Het maakt dit werk bijzonder. Aantrekkelijk zelfs.

Reageren op het stuk kan. Graag via secretariaat@korpsmariniers-wjb.nl 

*De naam van LT Bram is om privacy redenen aangepast. Zijn werkelijke naam is bij ons bekend.